Btn mobile menu gray

Hoe ziet een vleermuis?

Vleermuizen zijn nachtdieren. Overdag verschuilen vleermuizen zich in grotten, kelders of andere donkere ruimtes. Maar ’s nachts worden ze actief. Dan jagen de meeste vleermuizen op allerlei vliegende insecten. Dat is knap, want de meeste dieren zien in het donker veel te weinig om zulke kleine prooidieren te kunnen vangen. Maar zelfs in het pikkedonker kunnen vleermuizen probleemloos de kleinste insecten opsporen. Hoe doen ze dat?

Echolocatie

Een vleermuis in actie. Bron: wikipedia

Vleermuizen ‘zien’ niet met hun ogen, maar met hun oren. Tijdens het vliegen maken vleermuizen voortdurend geluidjes. Die geluidjes worden dan weerkaatst door de voorwerpen in de omgeving van het dier. De gevoelige oren van de vleermuis vangen het teruggekaatste geluid vervolgens weer op. Eigenlijk gebruiken vleermuizen dus de echo van hun eigen geluid om de voorwerpen in hun omgeving waar te nemen. Dit wordt echolocatie genoemd. De geluiden die vleermuizen maken zijn trouwens zo hoog dat mensen ze meestal niet kunnen horen.

Wat kunnen vleermuizen met echolocatie allemaal ‘zien’? Allereerst vertelt de echo iets over de afstand tussen de vleermuis en het voorwerp. Hoe sneller het geluid weer terug is, hoe dichter het voorwerp in de buurt is. Misschien heb je wel eens naar de echo van je stem in een (water)put geluisterd. Hoe dieper de put is, hoe langer het dan duurt voordat je de echo van je stem weer hoort. Geluid verplaatst zich heel snel (meer dan 340 meter per seconde), maar toch hoor je dat het even duurt voordat het zich van je mond, naar de bodem van de put en weer terug naar je oren beweegt.

Vleermuizen kunnen op basis van echo’s ook inschatten in welke richting een voorwerp zich bevindt. Dat doen ze door het geluid dat binnenkomt in hun linkeroor te vergelijken met het geluid dat binnenkomt in hun rechteroor. Om te zien hoe dit werkt zou je dit proefje eens kunnen proberen. Door goed naar de echo’s van hun eigen geluid te luisteren, krijgen vleermuizen dus een beeld van hun omgeving. Zo kunnen ze in het donker dus zonder problemen tussen bomen en gebouwen heen vliegen.

Ook hele kleine voorwerpen, zoals vliegende insecten, kaatsen geluid terug. Weliswaar maar een heel klein beetje, maar nét genoeg om ze te kunnen waarnemen. Vleermuizen zijn hier zó goed in dat ze uit het geluid dat een insect terugkaatst kunnen afleiden wat voor soort dier het is.

Alleen vleermuizen?

Vleermuizen zijn meesters in echolocatie. Maar ook walvissen, dolfijnen en sommige vogels maken gebruik van echolocatie. Er zijn zelfs (blinde) mensen die zich hebben aangeleerd om door middel van echo’s een beeld van hun omgeving te krijgen.

Echolocatie bij dolfijnen. Bron: Wikipedia (Malene Thyssen)