Btn mobile menu gray

Hoe werkt evolutie?

Evolutie is het geleidelijk veranderen van soorten. Hierdoor ontstaan er meer verschillende soorten. Dit doen organismen niet zelf, ze kunnen niet kiezen om te evolueren.

Jij ziet er niet precies hetzelfde uit als je moeder of vader. En zij zien er niet precies uit als hun ouders. Dit komt omdat we allemaal de helft van het genetisch materiaal(het ingrediëntenlijstje van een organisme) van onze vader krijgen en de andere helft van onze moeder. Sommige delen van dat materiaal zien we terug in onszelf en sommige delen niet. Met het genetisch materiaal krijgen we kortomeigenschappen mee. Wij kunnen met onze handen dingen vastpakken, met onze ogen kijken en met onze tongen proeven.Alle organismen op aarde hebben hun eigen eigenschappen. Sommige eigenschappen delen ze met soortgenoten of met andere soorten. Andere eigenschappen niet.

Deze vogel, het paard en de mens zijn allemaal dieren. Ze hebben soms dezelfde en soms verschillende eigenschappen

Natuurlijke selectie

Eigenschappen vergroten de kans dat we overleven en nageslacht krijgen. Hoe beter je eigenschappen zijn, hoe groter de kans op kinderen en hoe groter de kans dat deze kinderen ook deze eigenschappen hebben. Welke eigenschappen handig zijn hangt echter af van je omgeving.De omgeving, of natuur, bepaald dus wie een goede kans heeft om te overleven. Dit noemen we natuurlijke selectie.

Binnen een groepje van een soort, een populatie,zullen er uiteindelijk organismen zijn die weinig kans hebben kinderen te krijgen. Hun genetisch materiaal zal na verloop van tijd minder voorkomen in de groep. Andersom komt het genetisch materiaal van succesvolle organismen wel vaker voor. Het totale genetische materiaal veranderd dus na verloop van tijd.

Denk maar eens aan 2 vosjes in een woestijn. Grote oren zijn handig in de woestijn omdat het vosje daardoor koeler blijft. Als een van de twee vosjes grotere oren heeft zal hij een voordeel hebben tegenover de andere vos met kleinere oren

Mutatie

Soms gaat er wat fout in het genetisch materiaal. Dan veranderd het. Dat noemen we een mutatie. Meestal maakt dit niets uit. Als het wel uitmaakt is het vaak alleen maar nadelig voor het organisme. Heel soms is het echter wel nuttig en worden de eigenschappen van een individu beter of krijgt het nieuwe eigenschappen.Er is dan ook een kans dat de kinderen ook deze nieuwe eigenschappen krijgen.

Variatie en selectie weergegeven in een schema, bron: wikipedia

Afsplitsing

Als twee populaties na verloop van tijd weinig of niet met elkaar te maken krijgen gaan ze allebei apart door met veranderen. Als dit lang genoeg duurt kunnen ze na verloop van tijd onderling geen kinderen meer krijgen. Er zijn nu twee verschillende soorten. Een goed voorbeeld is het fokken van honden. Door bepaalde rassen alleen maar met honden uit het eigen ras te laten paren krijgen de rassen onderling nauwelijks meer wat met elkaar te maken.